Logo NGI
nl
en
Zoeken

infrabase >

publicaties >

de regelbaarheid van elektriciteitscentrales. een quickscan in opdracht van het ministerie van economische zaken

 
Titel
De regelbaarheid van elektriciteitscentrales. Een quickscan in opdracht van het ministerie van economische zaken
Type
artikel vakblad
Referentie

Dijkema, G.P.J.; Z. Lukszo; A. Verkooijen; L.J. de Vries and M.P.C. Weijnen: De regelbaarheid van elektriciteitscentrales. Een quickscan in opdracht van het ministerie van economische zaken. Technical report, TU Delft, Faculteit Techniek, Bestuur en Management, Delft, April 20th 2009.

Auteurs
Gerard Dijkema
 
Zofia Lukszo
 
Laurens de Vries
 
Margot Weijnen
Document
Beschrijving

Elektriciteit kan niet (gemakkelijk) worden opgeslagen, dus het moet opgewekt worden op het moment dat het nodig is. In de 20e eeuw is het productiepark in Nederland, voornamelijk onder het regime van de SEP, hierop ingericht. Het bestaat nog steeds grotendeels uit grote elektriciteitscentrales, gestookt op aardgas of steenkool, en een aantal kleinere STEG-eenheden (‘stoom en gas’, gasturbines gecombineerd met een stoomcyclus) die snel bijgeschakeld kunnen worden. Na de liberalisering is er vooral veel decentraal vermogen bijgekomen, hoewel er de laatste tijd ook weer grote eenheden gebouwd worden. Met name in de industrie en tuinbouw zijn veel warmtekracht-installaties gerealiseerd.

Recent zijn de eerste grote windparken operationeel geworden. Het kabinet heeft de ambitie uiteindelijk 6000 MW windvermogen in Nederland (offshore) te realiseren. Anders dan het “conventionele” productiepark volgen windenergieparken niet de vraag maar de wind. Ergo, op het moment dat er windaanbod is zal het aanbod van conventionele eenheden moeten afnemen. Dat betekent dat het vermogen uit het conventionele productiepark moet worden teruggeregeld. Met een basislast van 12.000 MW en een piekvermogen van 20.000 MW zal 6.000 MW wind een aanzienlijke invloed hebben op het elektriciteitssysteem.

Als gevolg van de toenemende productie van energie uit fluctuerende (duurzame) bronnen, maar ook tengevolge van de door de liberalisering soms snel veranderende opwekpatronen en de decentrale productie van elektriciteit, begint in Nederland congestie te ontstaan in de elektriciteitsnetwerken. Het beleid is om duurzame energie-bronnen voorrang te geven op het net. In dit verband heeft het Ministerie van Economische Zaken aan de TU Delft gevraagd welke beperkingen er zijn aan de regelbaarheid van niet-duurzame elektriciteitscentrales.

Logo NGI

Bouwcampus
Van der Burghweg 1
2628 CS Delft
secretariaat@nginfra.nl
telefoon: 015 303 0900

© 2016 Next Generation Infrastructures